Grenzen worden vaak gezien als iets dat je actief moet doen. Alsof je alleen maar duidelijk genoeg hoeft te spreken om steviger te staan. Maar grenzen beginnen niet bij spreken. Ze beginnen bij voelen.
Wanneer je niet merkt dat iets te veel is, te snel gaat of niet klopt, kun je ook niet aangeven waar jouw grens ligt. Dan ga je door terwijl je systeem al signalen geeft. Pas later merk je dat je moe bent, geïrriteerd raakt of leegloopt.
Grenzen voelen is daarom een vaardigheid die begint met waarnemen. Het gaat om kleine signalen leren herkennen: een spanning in je schouders, een verandering in ademhaling, een lichte aarzeling vanbinnen. Dat zijn geen obstakels, maar richtingaanwijzers.
Wie leert luisteren naar die signalen, hoeft minder vaak te vechten om zijn grens duidelijk te maken. Omdat die grens al voelbaar is voordat er druk ontstaat.
Voel je dat dit je raakt? Bekijk dan de programma’s.